Ik heb nooit veel aan kleding uitgegeven, en toch stond mijn kast vol met dingen die ik niet droeg. Dat is een merkwaardige combinatie: weinig geld uitgeven en toch geld weggooien.
De regel die dat opgelost heeft is er een die ik ergens heb opgepikt en aangepast: koop het alleen als je nu al kunt bedenken bij welke tien gelegenheden je het draagt. Niet "wanneer zou dit leuk zijn" — tien concrete keren.
Waarom tien
Tien is hoog genoeg dat een impulsaankoop erop stukloopt en laag genoeg dat het geen levenslang commitment is. Bij €40 en tien keer dragen zit je op €4 per keer. Dat is voor mij ongeveer de grens waaronder een kledingstuk zijn geld waard is.
Het mooie van de vraag is dat je hem niet kunt beantwoorden met een gevoel. Je moet gelegenheden opnoemen, en als je bij vier blijft steken weet je genoeg.
Wat er veranderde
In het jaar ervoor gaf ik €680 uit aan kleding voor mezelf. Het jaar daarna €310. Dat is niet doordat ik goedkoper ging kopen — de gemiddelde prijs per stuk ging juist omhóóg, van €31 naar €44. Ik kocht gewoon veel minder stuks: van 22 naar 7.
Die zeven stukken draag ik allemaal nog. Van de 22 uit het jaar ervoor hingen er negen na twaalf maanden nog vrijwel ongedragen in de kast.
Waar de regel niet voor deugt
Kinderkleding. Kinderen groeien uit alles voordat ze aan tien keer toekomen, en ze hebben niet de luxe om alleen dingen te dragen die perfect zijn. Hier is tweedehands de oplossing, niet een regel. Wij halen het grootste deel bij een kringloop en op een lokale ruilmarkt; ik schat dat we daar per kind per jaar rond de €150 mee besparen.
Gelegenheidskleding. Een net pak dat je twee keer per jaar draagt haalt nooit tien keer, en toch moet je er een hebben. Voor die categorie geldt de regel niet; daar geldt alleen: koop er één, koop een goede, en draag hem tien jaar.
Sportkleding. Die haalt de tien keer moeiteloos, waardoor de regel er geen enkele rem op zet. Daar heb ik gewoon een aantal afgesproken.
De tweede regel: één erin, één eruit
Bij elk nieuw stuk gaat er een oud stuk weg. Dit is geen bespaarregel maar een beslisregel, en hij werkt omdat hij de aankoop duurder maakt: je betaalt niet alleen geld maar ook een plekje in de kast. Twee keer heeft dit een aankoop tegengehouden omdat ik niets kwijt wilde.
Wat me het meest verbaasde
Dat een kast met minder kleding makkelijker is om je uit aan te kleden. Ik had verwacht dat ik iets zou missen. Wat er gebeurde is dat de ochtenden korter werden, omdat er niets meer hangt waarvan ik elke keer opnieuw besluit het vandaag niet aan te doen.
Dit is dezelfde logica als bij de 30-dagenlijst: de winst zit niet alleen in het geld dat je niet uitgeeft, maar in het feit dat je minder beslissingen hoeft te nemen.
