Mijn eerste freelance-opdracht kwam via een oud-collega en leverde €280 op voor ongeveer negen uur werk. Ik was er blij mee tot ik erachter kwam dat een flink deel van dat bedrag nooit van mij was geweest.
Dit is wat ik had willen weten voordat ik begon. Let op: ik ben geen belastingadviseur, en de regels veranderen — kijk het actuele verhaal altijd na bij de Belastingdienst zelf.
De eerste opdracht krijgen
Het cliché klopt: de eerste klus komt vrijwel nooit van een platform maar uit je eigen netwerk. Ik heb aan een handvol oud-collega's gemaild dat ik in de avonduren beschikbaar was voor een specifiek soort klus. Twee reacties, één opdracht.
Wat daarbij hielp was concreet zijn. "Ik doe wel wat freelance werk" levert niets op. "Ik kan in de avonduren rapportages opzetten, ongeveer zes uur per week" levert een reactie op, omdat de ander meteen weet of hij dat nodig heeft.
Wat ik verkeerd inschatte
1. Het verschil tussen omzet en inkomen. Van die €280 moet nog inkomstenbelasting af. Bij een modaal inkomen zit je al gauw in een schijf waarin een aanzienlijk deel van elke extra euro naar de fiscus gaat. Ik had er, ruw gerekend, ongeveer een derde voor opzij moeten zetten. Dat had ik niet gedaan, dus toen de aanslag kwam was dat een onaangename verrassing.
Sindsdien gaat er van elke factuur meteen een vast percentage naar een aparte rekening. Dat geld is niet van mij en gedraagt zich ook zo.
2. In welk hokje je valt. Bijverdiensten kunnen op verschillende manieren belast worden — als resultaat uit overig werk, of als winst uit onderneming als je echt ondernemer bent. Dat hangt af van dingen als het aantal opdrachtgevers, of je risico loopt en hoeveel tijd je erin steekt. Dat onderscheid heeft gevolgen voor welke kosten je mag aftrekken en of je recht hebt op ondernemersregelingen. Ik heb dit één keer met iemand doorgenomen die er verstand van heeft en dat was het beste half uur van het hele traject.
3. Btw. Zodra je als ondernemer voor de btw wordt gezien, komt daar administratie bij: btw op je facturen, aangifte per kwartaal. Er bestaat een regeling voor kleine ondernemers waarbij je onder een bepaalde jaaromzet vrijgesteld kunt worden van btw, met als keerzijde dat je dan ook geen btw kunt terugvragen over je kosten. Welke variant gunstig is hangt af van je situatie.
Praktische dingen die ik anders zou doen
- Meteen een aparte rekening. Niet omdat het moet, maar omdat je anders geen idee hebt wat er echt binnenkomt.
- Bewaar elke bon. Ook die van €12. Ik ben in het eerste jaar aftrekbare kosten kwijtgeraakt omdat ik ze niet kon aantonen.
- Spreek een tarief af per opdracht, niet per uur. Bij mijn eerste klus per uur schatte ik negen uur en werden het er veertien. Bij een vaste prijs draag je dat risico ook, maar dan weet je het vooraf en kun je het meewegen.
- Zet een betaaltermijn op je factuur. En houd hem aan. Mijn langste wachttijd was elf weken en dat kwam doordat ik niets had afgesproken.
Wat het een jaar later doet
Ik factureer nu ongeveer €400 tot €600 per maand bij twee vaste opdrachtgevers, voor vier tot zes uur per week. Netto, na de reservering voor de belasting, houd ik daar ruwweg twee derde van over. Dat verschil tussen bruto en netto is precies de les uit dit stuk.
Wat ik zou meegeven aan iemand die begint: vraag niet je hele netwerk om werk. Vraag vijf mensen iets heel concreets, en zet vanaf de eerste euro een deel apart.
