Box 3 is het onderdeel van de inkomstenbelasting dat over je vermogen gaat: spaargeld, beleggingen, een tweede woning. Het is ook het onderdeel dat de afgelopen jaren het vaakst is veranderd, en dat is precies waarom dit stuk geen concrete bedragen noemt.
Ik leg uit hoe het systeem in elkaar zit. De actuele percentages en vrijstellingen zoek je op bij de Belastingdienst — die veranderen, en een verkeerd getal uit een oud blogartikel is erger dan geen getal.
De drie boxen
De Nederlandse inkomstenbelasting kent drie "boxen":
- Box 1: inkomen uit werk en woning. Je salaris, je freelance-inkomsten, en de eigen woning.
- Box 2: inkomen uit een aanmerkelijk belang, meestal als je een groot deel van een bv bezit. Voor de meeste mensen niet van toepassing.
- Box 3: je vermogen. Spaargeld, beleggingen, een vakantiehuis.
Hoe box 3 werkt
Het uitgangspunt: er wordt gekeken naar wat je op de peildatum — 1 januari — aan vermogen hebt. Van dat vermogen gaat een heffingsvrij vermogen af: een bedrag waarover je geen belasting betaalt. Heb je minder dan dat bedrag, dan betaal je in box 3 niets.
Over wat erboven zit, wordt belasting geheven. Historisch gebeurde dat op basis van een verondersteld rendement: de fiscus nam aan dat je vermogen een bepaald percentage opleverde en belastte dat, ongeacht wat je werkelijk had verdiend. Juist dat uitgangspunt is de afgelopen jaren onderwerp geweest van rechtszaken en aanpassingen, met wisselende regels en overgangsregelingen tot gevolg.
Wat er in grote lijnen uit is gekomen: er wordt onderscheid gemaakt tussen categorieën vermogen — spaargeld aan de ene kant, beleggingen en overige bezittingen aan de andere — met verschillende percentages, omdat spaargeld structureel minder oplevert dan beleggingen. En er zijn regelingen waarbij je onder voorwaarden je werkelijke rendement kunt laten meewegen als dat lager is.
Wanneer het jou raakt
Voor veel mensen met een modaal inkomen en een paar duizend euro spaargeld: niet. Je zit dan onder het heffingsvrije vermogen en er verandert niets aan je aangifte.
Het gaat pas spelen als je vermogen daarboven uitkomt. Heb je een fiscale partner, dan tellen jullie vermogens samen maar geldt de vrijstelling ook voor twee — dat maakt de grens hoger dan mensen vaak denken.
Drie dingen die goed zijn om te weten
1. De peildatum is 1 januari. Alleen die dag telt. Dat betekent ook dat een grote uitgave eind december of begin januari verschil kan maken voor het jaar erna. Let op: bewust vermogen wegsluizen rond de peildatum om belasting te ontlopen is iets anders dan gewoon je uitgaven doen — daar zijn regels tegen.
2. Je hypotheekschuld zit niet in box 3. De eigen woning en de bijbehorende hypotheek horen in box 1. Andere schulden kunnen onder voorwaarden wel je box 3-vermogen verlagen, met een drempel.
3. Aangifte doen moet ook als je niets hoeft te betalen. Je vermogen invullen is verplicht; of er belasting uit volgt is een tweede.
Wat ik zelf doe
Ik houd de stand van 1 januari van al onze rekeningen in één tabblad bij. Dat kost vijf minuten per jaar en maakt de aangifte een invuloefening in plaats van een zoektocht. Verder laat ik het bij: ik heb geen enkele beslissing over sparen of beleggen genomen op basis van box 3, omdat het bij ons vermogen simpelweg niet doorslaggevend is.
Zit je er wel boven en gaat het om substantiële bedragen, dan is dit precies zo'n onderwerp waarvoor één gesprek met een adviseur zich terugverdient — en waar je niet moet varen op een blog.
